maandag 26 juni 2017

Psalmen - 15

Een psalm van David.
HEERE, wie zal verblijven in Uw tent?
Wie zal wonen op Uw heilige berg?
2 Hij die oprecht wandelt en gerechtigheid beoefent,
die met zijn hart de waarheid spreekt.
3 Die met zijn tong niet lastert,
zijn vrienden geen kwaad doet
en geen smaad jegens zijn naaste op de lippen neemt.
4 In zijn ogen is de verworpene veracht,
maar wie de HEERE vrezen, eert hij.
Heeft hij gezworen tot zijn schade,
zijn eed verandert hij evenwel niet.
5 Zijn geld leent hij niet uit tegen rente,
een geschenk ten nadele van de onschuldige aanvaardt hij niet.
Wie deze dingen doet,
zal niet wankelen, voor eeuwig.

Bevreemdend
Niet veel is bevreemdend in deze psalm, behalve het begin: de intieme relatie tot God die wordt beschreven. 'Verblijven in Gods tent' en 'wonen op de berg van Gods heiligheid': bij een afstandelijke god kan dat niet. Voor een afstandelijke god zijn het hoogstens gedode offers die daar mogen verblijven, maar niet levende mensen (die nog niet eens priester zijn ook). Deze psalm laat ons horen dat God ieder van ons wil aanspreken en bij Zich roept!

Misschien nog een toelichting op de zin: "Ik zijn ogen is de verworpene veracht, maar wie de HEERE vrezen, eert hij" (vers 4). We moeten dit niet lezen als "Hij heeft religieuze ijver, minacht wie niet tot de kerk behoren en eert degenen die tot de kerk behoren." Het gaat hier om "de verworpene" die God verwerpt om zijn daden, dus wie onethisch handelt. De uitdrukking "wie de HEERE vrezen" gaat over degenen die Gods wet houden en dus ethisch juist handelen. Je zou het kunnen herschrijven tot "In zijn ogen is degene die onethisch handelt veracht, maar wie ethisch juist handelen, eert hij", en het gaat dus niet om religie.

Herkenbaar
De morele normen die in deze psalm genoemd worden, zijn heel herkenbaar. Zelfs zó herkenbaar dat ze redelijk universeel bekend moeten zijn, lijkt me. Ons door God ingebouwde rechtvaardigheidsgevoel herinnert ons eraan. Ze gaan vooral over waarheid: onbedriegelijk zijn, niet alleen in wat je zegt maar ook in hoe je handelt.

Voor mij werpt dat juist weer de vraag op: de dingen die hier genoemd worden zijn zo universeel, is dat voldoende om bij God te wonen? We worden toch door Jezus aan God verbonden en niet door goed doen alleen?

Het antwoord hierop is denk ik dat koning David hier een ideaalbeeld schetst. De genoemde voorwaarden beschrijven zoals het zou moeten zijn, maar niemand voldoet er helemaal aan. We mogen echter onze zonden belijden en ervan verlost worden door Jezus Christus.

Profetisch
Om de kloof tussen wie we zouden moeten zijn om bij God te wonen, en wie we werkelijk zijn te dichten, heeft God Zijn Zoon gezonden. God woonde onder ons! Van Jezus, Zoon van God, lezen we:
Hij, Die geen zonde gedaan heeft en in Wiens mond geen bedrog gevonden is; Die, toen Hij uitgescholden werd, niet terugschold, en toen Hij leed, niet dreigde, maar het overgaf aan Hem Die rechtvaardig oordeelt; Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout, opdat wij, voor de zonden dood, voor de gerechtigheid zouden leven. Door Zijn striemen bent u genezen. (eerste brief van de apostel Petrus, 2, 22-24)

woensdag 14 juni 2017

Psalm 14 - Bewijzen dat God niet bestaat

In de vorige blog schreef ik over Psalm 14. Daarin staat:
"De dwaas zegt in zijn hart:
Er is geen God."
Nu zijn er vandaag de dag best veel mensen in Nederland die beweren dat God niet kan bestaan. Atheïsme is 'in', het wordt als deugd gezien om daar een lans voor te breken en gelovigen te overtuigen dat ze het niet bij het rechte eind hebben.

Als je tegen geloof bent, lijkt het me dat je moet kunnen bewijzen dat het niet waar is. Nu ben ik nog niet een heel overtuigend argument tegengekomen dat bewijst dat God niet bestaat. Laten we er eens een aantal van bekijken.

God zie ik niet

Een heel simpel argument zou zijn:
Ik kan God niet zien

Daarom bestaat God niet
Laten we eens kijken naar dit 'bewijs'. De filosoof Aristoteles leerde ons iets over logica. Daarom kunnen we zien dat er in bovenstaande argument een regel ontbreekt, namelijk het verband tussen het eerste en het tweede feit. Als we die invullen krijgen we:
Als God zou bestaan, zou hij zichtbaar zijn
Ik kan God niet zien

Daarom bestaat God niet
Aha. Nu kunnen we ook meteen inzien dat de aangenomen regel in dit 'bewijs' niet echt overtuigend is. Als we iets over het christendom weten, weten we dat christenen (en de Bijbel) zeggen dat God een Geest is (bijv. evangelie van Johannes, 4, 24). Daarom is het juist zo bijzonder dat God als Geest 'in het vlees gekomen is', dat wil zeggen dat Jezus Christus, Gods Zoon, mens is geworden. "En buiten alle twijfel, groot is het geheimenis van de godsvrucht: God is geopenbaard in het vlees" (eerste brief van de apostel Paulus aan Timotheüs, 3, 16).

God ervaar ik niet

Een ander argument zou kunnen zijn:
Als God zou bestaan, zou hij door mij ervaren worden
Ik ervaar God niet

Daarom bestaat God niet
Ook dit zou een geldig bewijs zijn, als de twee eerste aannames waar zijn.

De eerste aanname is "Als God zou bestaan, zou hij door mij ervaren worden". Is dit onweerlegbaar? Weer: als we iets over het christelijk geloof weten, weten we dat God ons mensen goed heeft gemaakt, maar dat onze eerste voorouders Adam en Eva tegen Gods wil in zijn gegaan en dat daardoor er een breuk is gekomen in het kennen van God. We ervaren God niet meer, omdat we niet meer in eenheid met Hem geboren worden, en dat is omdat onze ouders ook niet in eenheid met God geboren worden. De Bijbel schrijft ook over satan, "de leugenaar vanaf het begin". Er is dus een goede reden om aan te nemen dat onze ervaring wel eens bedrogen zou kunnen worden.

De tweede aanname is "Ik ervaar God niet". Is dat waar? Volgens mij moet je wel met je ogen dicht lopen als je niets wilt ervaren van wie God is. Iedereen ervaart toch schoonheid in de natuur? Iedereen overvalt toch wel eens een gevoel van verwondering over deze wereld? Iedereen streeft toch naar gerechtigheid?

God zou lijden niet toestaan

Een veel voorkomende redenering is de volgende:
Als er een rechtvaardige en liefdevolle God zou bestaan die almachtig is, zou er geen lijden zijn
Er is lijden

Daarom bestaat er geen almachtige, rechtvaardige en liefdevolle God
Het is verschrikkelijk om te zien welke verschrikkelijke dingen er op aarde gebeuren. Als God zou bestaan en almachtig zou zijn, zou hij dat toch niet toestaan? En als God dat zou toestaan, zou hij liefdeloos en onrechtvaardig zijn.

Kloppen de aannames? De tweede, "Er is lijden", is onontkenbaar. Maar de eerste? De eerste aanname is juist als er lijden is dat onrechtvaardig en liefdeloos is, om het nog wat specifieker te maken. En juist daar hebben gelovigen hun twijfels bij. De God die wij kennen, is Zelf gekruisigd, dus heeft Zelf voor ons alles gedaan! Het lijden wat er in deze wereld is, zien we dus als een verschrikkelijke werkelijkheid die niet zomaar te verhelpen is. Een paar verklaringen voor deze werkelijkheid kunnen we in de Bijbel lezen. Een ervan is: God zou wel meteen alle lijden weg kunnen nemen en het toekomende rijk van Jezus kunnen brengen, maar dat betekent dat degenen die niet in Hem geloven daar geen deel van kunnen uitmaken! Dus: het rijk van Jezus komt niet nu, omdat God wil dat er meer mensen tot geloof komen (tweede brief van de apostel Petrus, 3). Een andere is: als er geen lijden zou zijn, zouden we geen behoefte hebben om tot God te gaan. Jezus zegt: "Voorwaar, Ik zeg u dat een rijke moeilijk het Koninkrijk der hemelen kan binnengaan" (evangelie van Mattheüs, 19). En ook deze woorden heeft Jezus gesproken:
"Zalig bent u, armen, want van u is het Koninkrijk van God.
Zalig bent u die nu honger hebt, want u zult verzadigd worden. Zalig bent u die nu huilt, want u zult lachen.
Zalig bent u, wanneer de mensen u haten, en wanneer zij u uitstoten en u smaden en uw naam als slecht verwerpen omwille van de Zoon des mensen.
Verblijd u op die dag en spring op van vreugde, want zie, uw loon is groot in de hemel." (evangelie van Lukas, 6)
Wij kunnen de bedoeling van veel lijden niet zien. Maar zou alle lijden niet een hoger doel kunnen hebben? Zou het niet zo kunnen zijn, dat het lijden te vergelijken is met de pijn van een moeder om haar kind geboren te laten worden? Dat is wat de apostel Paulus schrijft:
Want ik ben ervan overtuigd dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden. Met reikhalzend verlangen immers verwacht de schepping het openbaar worden van de kinderen van God.
Want de schepping is aan de zinloosheid onderworpen, niet vrijwillig, maar door hem die haar daaraan onderworpen heeft, in de hoop dat ook de schepping zelf zal bevrijd worden van de slavernij van het verderf om te komen tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van God. Want wij weten dat heel de schepping gezamenlijk zucht en gezamenlijk in barensnood verkeert tot nu toe. (brief aan de gemeente van Rome, 8)

God en wetenschap gaan niet samen

Een andere redenering is:
De wetenschap heeft een verklaring voor het ontstaan van de aarde
Als de wetenschap ons dit verklaart, hoeven we niet in God te geloven

Daarom bestaat God niet
Als ik de redering op deze manier opschrijf, is hij logisch ongeldig. Als je niet in God "hoeft te geloven", betekent dat niet dat God niet bestaat. Laten we proberen de redenering aan te passen zodat hij klopt:

Als God zou bestaan en hij de Schepper van de wereld is, zou niet alles toevallig zijn ontstaan
De wetenschap bewijst ons dat alles toevallig is ontstaan

Daarom bestaat God niet
Zo zou het een geldig bewijs zijn. Maar kloppen de aannames?

Nee. De wetenschap bewijst ons niet dat alles toevallig is ontstaan. Als je kijkt naar de natuurkunde, verbazen ook atheïstische wetenschappers zich erover dat alles zo perfect in elkaar zit. Als je uitgaat van de gangbare theorie van de oerknal, was een klein beetje meer of minder energie fataal geweest voor het evenwicht tussen bijvoorbeeld koolstof en zuurstof wat er voor leven nodig is. De zwaartekracht had maar een fractie meer of minder hoeven te zijn, en het leven op aarde was niet mogelijk geweest. Voor de natuurkunde is het niet mogelijk om de toevlucht te nemen tot miljoenen jaren waarin alles vanzelf ontstaat (het heelal heeft geen DNA). Daarom is de enige redelijke conclusie dat de wetenschap ons aantoont dat het ontzettend onwaarschijnlijk is dat alles toevallig is ontstaan. (Atheïsten nemen daarom de toevlucht tot het geloof in een oneindig aantal universa, waarvan ons universum er eentje is waar het toevallig goed is gegaan.) Kortom, de aannames van dit bewijs zijn ook niet waar.

Zijn er nog betere bewijzen? Ik hoor het graag! Maar anders kunnen we instemmen met "De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God." (Psalmen, 14).