Posts tonen met het label berouw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label berouw. Alle posts tonen

donderdag 9 september 2021

Uitstoting en omarming

In de zomervakantie las ik 'Uitstoting', een boek van econome Saskia Sassen. Het boek gaat erover dat op het altaar van de welvaart en economie armere mensen en stukken levende natuur worden opgeofferd en uitgestoten. De kloof tussen arm en rijk wordt groter omdat de armen meer worden benadeeld, land wordt op grote schaal en levende natuur wordt vergiftigd door mijnbouw waardoor mensen ontheemd raken en land onbruikbaar. Het is een belangrijke wakkerschudding voor mij: welke invloed heeft het kopen van een 'wegwerpartikel' door mij voor andere mensen en de schepping? Wie wordt er indirect onrechtvaardig behandeld, en hoe ga ik om met de schepping die mijn eerbied en zorg verdient?

Moeder natuur of Vader in de hemel

Veel mensen maken zich terecht zorgen over de natuur. De bosbranden in Griekenland en overstromingen in Duitsland hebben ook Nederlandse burgers opgeschrikt. De meeste mensen voelen dat de natuur iets groots is, groter dan onszelf. Ook christenen zouden dat moeten voelen. De schepping is afkomstig van een meest creatieve, wijze, liefdevolle, almachtige en goede Schepper. 'Moeder natuur' eren zou ik niet willen: dat is voor mij als een bedankje aan het verkeerde adres. God komt de lof en eer toe! Het is maar goed dat God niet gezegd heeft: "Eer de schepping". In plaats daarvan heeft God gezegd "U zult geen andere goden voor Mij hebben." De schepping is de creatieve en oneindig mooie uiting van God Zelf. Als we God verlaten, en onze eigen zin en wil doen, breken we de scheppingsharmonie af. Als we tot God terugkeren, kan Hij ons leren hoe we voor de schepping mogen zorgen. Natuur of aarde onze 'moeder' noemen is surrogaat voor de relatie met God de Vader. Waarom keren we niet tot Hem terug, als Hij ons roept?

Genade

Hoe onrechtvaardig en zelfzuchtig wij zelf, mensen, ook zijn, God wil ons herstellen en heeft on Zijn enige Zoon gegeven. God had ons ook ongeduldig en boos kunnen verdoemen. Maar Hij koos voor de lange weg van geduld, herschepping, herstel, voor ieder die Zijn stem wil horen. We kunnen daarvan leren om geduldig, hoopvol, vergevingsgezind, zelfopofferend en moedig te zijn. Het moet ons behoeden voor een genadeloze, hypocriete kruistocht voor het klimaat. Die zou hypocriet zijn omdat we al gauw zelf evenzeer zondigen tegen het goed omgaan met Gods schepping.

Herstel

We mogen bidden voor en strijden voor herstel, maar ook geloven dat die ondanks ons er uiteindelijk zal komen door God. Als we 'geloven' in 'moeder natuur', zullen we doen wat 'goed voelt', met onrust in het hart omdat het niet vervuld wordt door Gods liefde. Als we God dienen, zullen we Zijn liefde voelen, met pijn in ons hart vanwege het besef dat we nog op definitief herstel van heel de schepping wachten. Maar dat ook afgewisseld door vreugde om de trouw en liefde van de hemelse Vader. Die liefde geeft ons vrede in ons hart die we willen delen met anderen.

zaterdag 25 september 2010

De verloren zoon

Las vandaag een mooi citaat over vrijheid (zie over dat onderwerp ook mijn eerdere bericht) in het boek 'Het geweten' van dr. W.J. Aalders (1870-1945), hoogleraar ethiek en wijsbegeerte van de godsdienst:
"Vrijheid, in de zin van zelfbeschikkingsrecht en onafhankelijkheid van alles wat buiten het zelf valt, is als laatste gegeven van het mens-zijn een onmogelijkheid, omdat de mens nu eenmaal zich zelf niet genoeg is. Heroïsme is iets hoogs, maar het eindigt in ondergang. De verloren zoon, van wie gezegd wordt, dat hij komt tot zich zelf, d.i. tot zijn geweten, laat onmiddellijk daarop volgen: "Ik zal opstaan en tot mijn vader gaan." (Lukas 15:18). Hij heeft aan zich zelf niet genoeg.

Een opmerking tussendoor. 'De mens heeft aan zichzelf niet genoeg': dat is ook een perspectief wat bij Aurelius Augustinus aan de orde komt, wanneer hij stelt dat kwaad niets anders is dan afgewend zijn van het goede. Augustinus stelt: God is het hoogste goede.

Om het citaat van Aalders te vervolgen (wat regelrecht tegen Nietzsches woorden over het geweten en het zelf ingaat):
(...) Daarom acht ik de definitie, die Calvijn van het geweten geeft, zo voorzichtig en juist, dat "het iets is, dat midden tussen God en mens in is". Scheler (Max Scheler, Vom Ewigen im Menschen, Ir B. 1923, S. 50) drukt het in wijsgerige bewoordingen zó uit, dat "sich uns in den Regungen des Gewissens eine unsichtbare Ordnung unsrer Seele und unsres Verhältnisses zu ihrem obersten Haupt und Schöpfer ganz von selbst - ohne Deutung unserseits - präsentiere" en ook het berouw "nimmt erst dann ihren vollen Sinn an und gewinnt erst dann ihre volle Sprache, wenn sie eingefügt erlebt ist in einem metaphysisch-religiösen Weltzusammenhang".